Trillingsmetingen tijdens heiwerkzaamheden volgens SBR Richtlijn

Heiwerkzaamheden

Bouwwerken kunnen door heiwerkzaamheden in trillingen komen. Veel bouwwerken zijn niet expliciet ontworpen om trillingen op te nemen, waardoor er kans op schade bestaat, een en ander afhankelijk van de aard en de constructiewijze van het bouwwerk en de aard, de sterkte en de frequentie van de trillingen. Daar verificatie van de belasting op gebouwen door trillingen in relatie tot het incasseringsvermogen van bouwwerken in bepaalde gevallen wenselijk is, is in 1993 door de Stichting Bouw Research (SBR) een richtlijn (nr. 1) opgesteld voor het meten en beoordelen van schade aan bouwwerken door trillingen. In augustus 2002 is de SBR-richtlijn 1 vervangen door de SBR-richtlijn A: ‘Schade aan Gebouwen’. Met de AuroVibe worden de trillingen vanwege heiwerkzaamheden gemonitoord en bewaakt. Volledig automatisch.

Hieronder is een tabel gegeven met de dominante frequenties van trillingsbronnen.

Trillingsbron Soort trilling

Dominante frequentie (Hz)

Heien van palen Herhaald kortdurend

5-25

Trillen van damplanken Tril frequentie (1200-2300 toer/min) Continu

20-40

Verkeer Herhaald kortdurend

5-20

Zeer indicatief kan aangehouden worden dat op een afstand van minder dan 15 meter van de heistelling rekening gehouden moet worden met een kans op schade ten gevolge van het heien. Dat betekent niet dat op grotere afstanden geen schade of hinder kan optreden! Zelfs op een afstand van 100 [m] van een heistelling kunnen trillingen voelbaar zijn in een gebouw. Door de trillingen zorgvuldig te monitoren kan schade en hinder worden voorkomen.